Boek: "De terugkeer van de Inca" door Elizabeth Jenkins

Geplaatst op maandag 11 oktober 2004 @ 00:55, 203 keer bekeken

In De terugkeer van de Inca beschrijft Elizabeth Jenkins vanuit eigen ervaring een oude Inca-inwijding die momenteel nog wordt gegeven. Vergeleken met andere new age literatuur zoals de Celestijnse Belofte is de gehanteerde scholingsweg opmerkelijk methodisch opgebouwd. Het boek geeft daarmee een verrassende inzage in volslagen onbekende achtergronden van de Incabeschaving. Karakteristiek bij deze inwijdingsweg is het leren omgaan met de 'duistere' kanten in de wereld en in jezelf.

Een verhuizing naar Peru

Dit boek is een soort reisbeschrijving van onder andere een tien dagen durende inwijding van een groep Noord-Amerikanen in de Incamysteriën. Deze worden als een levende traditie doorgedragen door de Q'ero's, een bijna uitgestorven indianenstam. Het verhaal speelt zich af in en rond Cuzco (Peru), volgens de Inca's de navel of ethermaag van Moeder Aarde. Het zijn vrouwelijke mysteriën, sterk verbonden met en gericht op Pachamama, de Moeder die in de aarde woont. Hogere priesters van deze mysteriën kunnen de etherwereld waarnemen; zij weten bijvoorbeeld wat volgens de kalender (het algemene ontwikkelingsplan van het project Mensheid) (1) zou moeten gebeuren, maar zien direct aan de etherwereld of het al of niet zover is, en stellen hun verwachtingen dan bij. Ook kunnen zij invloed uitoefenen op het weer. In het boek worden twee niveau´s omschreven waarop gewerkt wordt. Deze niveau's zijn geheel verschillend van sfeer en hebben elk hun eigen wetmatigheden. (2)

Elizabeth Jenkins, klinisch psychologe, heeft op innerlijke aandrang alles achtergelaten om naar Peru te verhuizen. Zij komt in contact met een inheemse genezer, die haar doorverwijst naar een groep die rituelen met en voor de plaatselijke berggeesten (Apu's) houdt. Ze mag deelnemen, naar later blijkt omdat de groep de komst van een Noord-Amerikaanse psycholoog was voorspeld; ze wisten alleen niet dat ze een vrouw moesten verwachten. Elizabeth wordt derhalve als speciaal en belangrijk lid van de groep verwelkomd. De Apu's worden opgeroepen in een geheel verduisterde ruimte, waar zij zich materialiseren op een altaar. (3) Het zijn grillige en krachtige wezens, die aanbeden worden en die naar eigen willekeur handelen. Ze krijgen offers, genezen zieken, maar delen ook opdrachten en zelfs straffen uit. De schrijfster krijgt hier steeds meer moeite mee, totdat ze na een onmogelijke opdracht (een heilige schotel te verkopen) verder bedankt voor de eer, en weer terugverhuist naar de VS. Dit mede nadat ze een hint heeft gekregen dat de mens de baas moet zijn over de Apu's en niet andersom.

Het vierde niveau

Na enkele jaren van verwarring en heimwee naar Peru gaat ze terug en maakt contact met een andere priester; Juan. Hij vertelt haar dat de groep waarvan ze deel uitmaakte van het derde niveau is, en dat hij een niveau hoger lesgeeft. Het derde niveau komt overeen met het normale (materialistische) dagbewustzijn. Op dit niveau wordt met de onzichtbare wereld gewerkt vanuit een houding van fysieke uiteenzetting. De Apu's zijn grillig, bestraffend en oefenen willekeur uit: je moet leren je ermee uiteen te zetten. Op het vierde niveau wordt heel anders gewerkt: in harmonie en overgave. Naar zal blijken, manifesteren de Apu's zich dan een stuk sympathieker. Juan maakt de schrijfster los van haar vorige priester, die nog een deel van haar etherlichaam ingevangen had. Ze voelt zich hierna al snel beter en verzamelt in de VS een groep van twaalf mensen die een tiendaagse initiatie zullen ondergaan, ditmaal bij Juan. Meteen na aankomst worden de mensen aan het werk gezet. Ze beginnen in een katholieke kerk in Cuzco, waar ook een Inca-relikwie (een groot stenen ei) aanwezig is. Eerst moeten ze om beurten mannelijke en vrouwelijke "verfijnde energie" opnemen, hetgeen ter plekke geschiedtdoor zich te concentreren op schilderijen van respectievelijk Christus en Maria.

Daarna leren ze hun "zware energie" afgeven aan het grote stenen ei, dat voor dit doel gemaakt is. (4) Een hoofdregel is, altijd eerst verfijnde (meer vergeestelijkte) energie op te nemen alvorens de zware energie af te staan, omdat men anders geheel zonder kracht kan komen te zitten. (5) Een andere hoofdwet is "ayni", de heilige wederkerigheid of het uitwisselen van "energie". Wie ontvangt, moet daarna geven en andersom; wie een niveau verder is gekomen of een bepaalde strijd heeft gewonnen moet anderen helpen dit niveau ook te bereiken. Verder wordt een simpel onderscheid gemaakt tussen invloeden afkomstig uit de boven- en onderwereld: de bovenwereld geeft verfijnde "energie", de onderwereld zware "energie". Dit laatste wordt overigens niet als iets negatiefs ervaren. Onze "zware energie" is voedsel voor de natuur, wij doen de natuur een plezier door dit te schenken. (6) De onderwereld wordt vooral gezien als een plek waar wezens zich ontwikkelen en "ayni" beginnen te leren.

De inwijding

De reeks van initiatierituelen volgt elkaar snel op. Na de kerk gaat men naar een natuurtempel. Juan verbindt de 'qosqo's' (7) van de leerlingen met een altaar, hetgeen helderziend waar te nemen is als een dun koord, uitgaande van ieders ethermaag. Hierna moeten ze zich "energetisch" uiteen zetten met de krachten van wind en zon, ook met de Apu's, die zich hier heel anders tonen dan voorheen; krachtig, maar blij en liefdevol. Ook oefenen ze het uitwisselen van persoonlijke kracht (door de handen op het hoofd van de ander te leggen), een persoonlijk en intiem ritueel dat bestaat uit overdragen van ervaringen op de ander, die ze dan direct beleeft. Daarna gaan ze naar de slangengrot, waar het moment van conceptie terug wordt beleefd. Men moet in de grot zoveel mogelijk fijne energie opnemen en zware energie afgeven, en verwerkt al doende de band met de eigen ouders. De schrijfster gaat alle traumatische gebeurtenissen ("knopen") in haar verleden langs totdat zij opnieuw haar eigen conceptie beleeft, vanuit het beleven van de liefde die haar ouders voor elkaar hadden. Ze wordt zo als het ware opnieuw geboren, nu als kind van Pachamama. Tot slot gaan ze naar het meer van Huascar Inca, de laatste Incaheerser. Hij delfde het onderspit omdat hij zich door de Spanjaarden liet opzetten tegen zijn broer, die de andere helft van het rijk van zijn vader kreeg. Hij geeft hen opdracht zijn werk voort te zetten. Juan zegt dat ze nu 'Incazaden' zijn geworden.

De volgende dag worden de wijdelingen meer specifiek geopend voor de krachten van de vier elementen. In de watertempel opent Juan het sacrum van de wijdelingen voor de kracht van het water, hetgeen door de schrijfster beleefd wordt als de plop van een kurk die bij haar stuitje eruit gaat, waarna zij een wortel naar beneden stuurt die water opzuigt, totdat zij er geheel mee gevuld is en de vissen tussen haar ribben zwemmen. Zij heeft hierbij, net als de andere leden van haar groep, waarnemingen van priesters die vroeger in de tempel gewerkt hebben. Ooit was de tempel de plek waar de watervoorraad voor de stad Cuzco gezegend werd. Hierna gaat men naar een grot om de kracht van Pachamama op te nemen. Juan legt nu pas uit dat hier niet gewerkt wordt met de chakra's, die zich tussen astraal- en etherlichaam in bevinden, maar met een set van vier gordels die deel uimaken van de "energiebel" ; deze lijken zich te bevinden tussen astraal- en fysiek lichaam in (dus; óm het etherlichaam heen). Iedere gordel heeft een 'oog', die met een element correspondeert. De ligging daarvan heeft te maken met de algemene organisatie van het fysieke lichaam: de luchtgordel zit om de keel (waar we mee ademen), de aardegordel om de maag (waar het fysieke voedsel wordt afgebroken) , die van de warmte om het hart (centrum van onze warmteorganisatie) en de watergordel zit laag om de heupen (waar de blaas zit, en de basis van de wervelkolom met zijn spinale vloeistof).


Tambomachay: de watertempel

Men gaat naar een andere tempel en Juan opent de harten voor de kracht van de zon. De schrijfster flipt hier uit (ze gaat regelrecht naar Vader Zon toe), maar wordt nog net op tijd teruggehaald door Juan. Als zij terug is heeft ze overal pijn en kan gedurende een uur alleen nog maar "jak" zeggen. In weer een andere tempel worden de kelen geopend voor de kracht van de wind. Veel verdriet wordt hier losgemaakt en vrijgegeven. De schrijfster voelt zich nu alsof ze lichtjes tussen hemel en aarde in gehouden wordt door de vier 'veiligheidsgordels'.

Iedere dag worden nu de rituelen van de vorige dag in een andere, meer gespecificeerde vorm herhaald. Soms worden nieuwe elementen toegevoegd; men leert zichzelf als een plant beleven en te voeden met de krachten van de vier elementen. Dit eerst liggend op een steen, geholpen door de groep. De 'plant' gaat hier uit van de qosqo.

"Eerst staarde ik alleen naar Maryanns vorm op de steen. Daarna leek het plotseling alsof er een vlam van levenskracht uit haar qosqo omhoog sprong en als een bliksemschicht de hemel in verdween".

Hierna doen ze hetzelfde, rechtop zittend, met de 'plant' of levensboom binnen in zichzelf. De dag erna leren ze de linker- en de rechterkant van zichzelf in evenwicht te brengen. Links staat voor de praktische toepassing van kracht, ofwel magie, genezing en therapie, rechts voor gestructureerde inwijding die naar de bovenwereld voert. De linkerkant is op zichzelf chaotisch en wild.

Daarna is er een innerlijke uitwisseling met de vijf Nust'a's, etherische prinsessen. (8) Er is een rode, een zwarte, een zilveren, een gouden en een groene. Dit vertoont overeenkomsten met de beeldkleuren (bij ons zwart, wit, groen en roze). (9-10) Die dag hebben ze ook een uiteenzetting met de steen van Huascar Inca. Er liggen zeven stenen omheen, die elk een specifieke negatieve gevoelslading oproepen (respectievelijk jalouzie, trots, lust, woede, angst, schaamte en zelfhaat). Ook hiermee moeten de groepsleden zich in alle hevigheid uiteen zetten. De steen van Huascar Inca helpt hen deze krachten in zichzelf te ordenen. De dag daarna leren ze o.a. energetische uitwisseling tussen man en vrouw; de vrouwen moeten de mannen eerst helemaal leegzuigen, waarna de mannen vernieuwde mannelijke kracht ontvangen. Zij geven die weer aan de vrouwen, die er vervolgens 'energetisch' mee moeten leren sparren (vechten) met de Apu's, vanuit hun ethermaag. (11)


Apu Putukosie: de enige
vrouwelijke Apu bij Machu Pichu

Ook verbinden ze zich met een rivier, genaamd "Heilige Prinses van het Zwarte Licht". Aan deze rivier liggen alle tempels. De rivier blijkt al die tijd een centrale rol te hebben gespeeld bij de inwijding. Ze leren haar kracht zelfloos door zich heen te laten gaan, en deze te sturen. Deze kracht is zowel heilig als ook rauw, woest en gevaarlijk. Een dag later wordt de Tempel van de Dood bezocht, om contact te leren maken met de dodenwereld. Tussendoor krijgt de schrijfster opdracht een onweersbui te 'eten' met haar qosqo. Hierna krijgt ieder groepslid zijn volledige set energiegordels aangelegd, ze worden door Juan op het lichaam aangebracht (getekend) met inwijdingsstenen. Hierdoor wordt de energiebel van elk groepslid volledig gereinigd en omgevormd. Ze krijgen de waarschuwing dat hun relaties met mensen zullen veranderen, en dat mensen veel van hun eigen ongelouterdheden op hen zullen gaan projecteren. De laatste twee dagen worden gevuld met een kroningsceremonie, waardoor de leden kandidaat worden voor het vijfde niveau. De schrijfster wordt hierbij tot gids van de groep gemaakt. Zij moet de inwijding doen en leiden, zonder instructies vooraf.

"Tegen de tijd dat ik klaar was met de elfde initiatie stonden mijn armen en lichaam strak van de energie. Terwijl er een diepe groepsstilte hing, voelde ik de drang iets te zeggen.'Ik heb het gevoel dat ik ieder van jullie eindelijk echt heb ontmoet' Weer viel er een intens ogenblik van stilte en zonder waarschuwing openden de kelen zich en maakte iedereen een geluid, allemaal op een andere toon, wat een plotselinge en prachtige, harmonieuze muziek voortbracht. Toen was het voorbij."

De profetie

Vlak voor het laatste onderdeel vertelt Juan meer over de context van deze inwijding. Volgens de profetie is dit de tijd waarin de mensheid een aanloop neemt naar een nieuwe periode van 144.000 dagen ofwel 5128 jaar, die begint in 2012. (12) Deze aanloop zal turbulent zijn, maar de tijd erna, genoemd "de tijd waarin we onszelf opnieuw zullen ontmoeten", belooft veel goeds. De mensen moeten zich hiertoe wél ontwikkelen. Men verwacht hierbij hulp van nog te verschijnen leraren van de vijfde en één van de zesde graad (de Sapa Inca). Van de vijfdegraads leraren wordt verwacht dat zij naar eigen willekeur (13) mensen kunnen genezen, van de Sapa Inca wordt verwacht dat hij het Inca-rijk van nieuwe levenskracht (letterlijk) zal kunnen voorzien, en het opnieuw tot bloei zal brengen. De profetie voorzegt in detail waar ze zullen opduiken, alleen niet precies wanneer. Men is momenteel bezig zo veel mogelijk mensen in de 4e graad in te wijden, om de profetie te helpen in vervulling te gaan.(14) Vraag hier is natuurlijk, of de profetie alleen voor de Inca's geldt. De profetie zou goed een universele meetlat kunnen zijn, gekleed in Inca-terminologie. Wat bij Rudolf Steiner opvalt is, dat hij voor deze periode juist een aantal minder leuke dingen voorspelt, zoals rond het jaar 2280 "de tijd der grote oorlogen". (15) Ik vermoed dat het vaker gebeurt, als er op innerlijk/geestelijk niveau belangrijke sprongen vooruit worden gemaakt, de dingen op het fysieke plan er juist slecht uit kunnen zien. Het lijkt een soort algemene wetmatigheid.


Machu Pichu

Mij viel in het boek ook het grote verschil in sfeer op tussen het 3e en 4e niveau; op het 3e niveau was er strijd, duisternis, willekeur, straffen, geboden en angst - op het 4e niveau overgave, harmonie, liefde en licht. Het komt overeen met iets wat ik uit het dagelijks leven ken, dat één en dezelfde sfeer of leefsituatie zowel als hel kan worden beleefd, alsook als zijnde goed en precies zoals het moet. Eerst vroeg ik me af hoe dat kon, toen merkte ik dat ik kon kiezen. Het hing er vanaf of ik de dingen enkel vanuit het fysieke bekeek, of vanuit een meer karmisch perspectief, een gevoel voor de bestemming van de dingen. Veel schijnbaar perverse en gewelddadige cultuurverschijnselen worden ook begrijpelijk vanuit dit perspectief. (16)

Hart en maag

Verder is er natuurlijk de beschrijving van de werking van de ethermaag of qosqo. Met de qosqo wordt 'energie' opgenomen, afgegeven en verteerd. Steiner heeft, waarschijnlijk niet zonder reden, dit orgaan niet of nauwelijks behandeld. De andere organen bemiddelen van binnenuit de elementkwaliteiten in het bewustzijn, hun werkingen zijn dus vooral in onze eigen binnenwereld te vinden. (17) De maag heeft een ander soort functie; door de heftige afbraakprocessen die hij in zich bergt (het voedsel dat met sterke zuren wordt afgebroken) zuigt hij astraliteit aan. Je zou kunnen zeggen, dat van binnenuit beleefd het hart het midden of ik-centrum is van de mens, van buitenaf aangewezen is het de maag. (18) Het is een kwetsbare plek; het herbergt met name alle ethersubstantie (ervaringen) die we nog niet verwerkt hebben. Als je de angst hiervoor overwint, dan kun je met de ethermaag je gevoel leren richten, zodat die tot werking in de wereld wordt. Volgens Juan is het doel van het leren gebruiken van de qosqo, en ook van de hele inwijding, het leren 'eten' en verteren van zware etherkracht, om deze te kunnen omvormen of verlossen. Specifieke aanleiding voor de schrijfster om daadwerkelijk een groep te verzamelen voor de tiendaagse inwijding, was een waarneming van een afschuwelijk wezen dat zichzelf aanduidde als het intelligente, georganiseerde kwaad. De schrijfster ging bij zichzelf na wat het met haar te maken had, en herinnerde zich een reeks voorvallen waarbij ze anderen min of meer opzettelijk kwaad had gedaan, iets waar ze zich nu voor schaamde. Het wezen wilde niet weggaan, en de enige optie die overbleef was het "op te eten". Ze nam het wezen liefdevol in zich op. Het reageerde eerst verward, daarna blij - toen viel het wezen uit elkaar. Dit omvormen of verlossen van het boze, een streven wat mijns inziens zeer aan de tijd is, is werk in en vanuit de duisternis. Hierin zijn echter niet alleen het 'boze' maar ook de kiemen voor onze ontwikkeling aanwezig.

Vraag is echter of je daar niet ook je hart bij nodig hebt, waarmee je je idealen kunt vinden. Mij is wel eens opgevallen dat mensen die zich vanuit de new age met scholing bezighouden, onder op het midden van de borst wijzen als ze hun hart bedoelen. Hier is echter het aangrijpingspunt van het etherlichaam met de fysieke maag; de 'ethermaag'. Vlak ernaast bevindt zich de zonnevlechtchakra, niet te verwarren met de hartchakra. De maag heeft, zoals hierboven omschreven, ook een belangrijke functie in ons gevoelsleven. Het heeft te maken met de band die we met onze omgeving hebben in de behoeftensfeer, en alle gevoelens die hiermee samenhangen: onbehagen of welbevinden, het al of niet kunnen opbrengen van aandacht of toewijding, gevoelens of spanningen die samenhangen met het al of niet bevredigd zijn. Het is echter het hart waarmee we ons bewust worden van onze gevoelens. We maken ze dan individueel, en hebben daarmee de mogelijkheid ons bewust te worden van onze idealen. In het boek wordt de functie van het hart alleen genoemd als die van warmteorgaan, het wordt niet met iets innerlijks in verband gebracht. Het 'rein maken', wat veelvuldig gebeurt tijdens de inwijding, heeft vooral te maken met het geestzelf. Geestzelf is te zien als een astraal lichaam dat door reiniging geschikt is gemaakt om mee te schouwen, beelden te ontvangen uit de geestelijke wereld. Het kunnen verwezenlijken van idealen heeft te maken met het ontwikkelen van de Mensenzoon, en is een kwestie van het al oefenend louteren van de wil, die in eerste instantie gevoelloos en van egoïsme doortrokken is. Men gaat hierbij steeds bij zijn eigen gevoel te rade, en geeft het handelen van hieruit steeds opnieuw vorm.

Energie

Verder blijft de vraag: wat wordt bedoelt met de term 'energie'? Het is een materialistische term, je kunt ermee werken zonder te hoeven weten wat het is. Het lijkt voor de hand te liggen dat het om etherkracht of -substantie gaat, maar dan moet het wel om 'ether' gaan die van buitenaf, alleen vanuit het astrale wordt waargenomen. Dit heeft meer te maken met het waarnemen van werkingen, dan met invoelen. In deze werkingen zitten elementwezens gebannen, die men alleen als substantie waarneemt. Het wordt weliswaar gezien als heilige substantie, maar juist daardoor staat men zichzelf niet toe om er innerlijk mee te gaan werken, er zelf iets aan toe te voegen. Als je daarentegen de etherwereld van binnenuit waarneemt, bestaat die uit zielegebaren, die we middels meebewegen in kunnen leven, tot we van binnenuit (feitelijk) contact met een elementwezen hebben gemaakt. Die kan in dit proces door ons worden omgevormd ofwel verlost. Het lijkt arrogant, maar de mens heeft werkelijk het mandaat hiertoe. Het is wat Christus bedoelde met "Zie, (mijn) Ik maak(t) alles nieuw". Tegelijkertijd kun je dit eenvoudig in het dagelijks leven waarnemen.

Een ieder van ons heeft een deel van zijn etherlichaam geïndividualiseerd. Het geïndividualiseerde deel komt tot uitdrukking in het kunnen maken van zielegebaren, in het kunnen formuleren van gevoelens en redeneringen die een diepgevoelde, eigen overtuiging tot uitdrukking brengen. Tot in onze dagelijkse bezigheden brengen we structuur aan, werken we met ethersubstantie en individualiseren we deze in meerdere of mindere mate. De rest van ons etherlichaam wordt gedragen door onze fysieke omgeving (huis, stad, land, vrienden en familie). Alles wat hiervan nog niet is eigen gemaakt of omgewerkt vormt een aspect van onze dubbelganger, b.v. hardnekkige gewoonten. (19) Mijn indruk is, dat de Inca's met hun natuurtempels een manier hadden (en hebben) om direct, als het ware van buitenaf, aan dit nog-niet-geïndividualiseerde etherlichaam te kunnen werken. Er wordt aan gesleuteld bijna alsof het een apparaat is. De therapeutische werking hiervan lijkt overigens onmiskenbaar zijn waarde te hebben. (20)

Een andere vraag is, wat doe je als je je 'zware energie' (de jou aanklevende onverwerkte etherbagage) zomaar weggeeft? Waarschijnlijk dienen ze als 'maaltijd' voor de Apu's, deva's en elementwezens die bij de tempels horen. Dit zijn oude wezens die, als ze niet door een wakker en actief 'ik' tegemoet getreden worden, ertoe neigen hun oude manier van inwijden onvervaard voort te zetten. (21) De wijdelingen beleven nog net wel de gevoelens die samenhangen met deze onverwerkte ziele-inhouden, maar aan omvormen komt men zo niet toe. Voor de Apu's e.d. is dit ethersubstantie die 'terugkeert', verrijkt met de ervaringen van mensen. In essentie worden dit opnieuw tot leven gewekte en getransformeerde elementwezens die de Apu's voeden, en zo de natuur opnieuw verlevendigen. Van hieruit worden dan de mensen opnieuw gevoed en verlevendigd. Het is een boeiende vorm van ayni en kennelijk de gang van zaken voor het 4e niveau, maar hoe zit het dan bij het 5e, waarvan de leraren nog worden verwacht? (22) Vermoedelijk worden de zaken heel anders wanneer mensen hun onverwerkte ziele-inhoud niet alleen tot leven wekken, maar daadwerkelijk en bewust ze omvormen tot nieuwe motieven voor hun handelen. Benadert men de Apu's op deze basis, dan heeft men ze iets heel nieuws en anders te bieden. Men heeft de aangeboden ethersubstantie immers zelf scheppend omgewerkt, menselijk gemaakt.Dit komt meer in de buurt van een gelijkwaardiger samenwerking, een hogere vorm van ayni, met als gevolg dat de Apu's zelf ook omgevormd zullen worden. (23)

Een laatste vraag, die ik niet beantwoorden kan, is in hoeverre de profetie letterlijk genomen kan worden (met name dat van het nieuwe Incarijk). Ik vermoed dat het hier gaat om een nieuw te verwachten hemels koninkrijk in de etherwereld (in plaats van fysiek), maar dat wil natuurlijk niet zeggen dat het niet vanuit het etherische fysiek vorm aan kan nemen.


Elizabeth Jenkins

Licht en duisternis

Wat deze inwijding bijzonder maakt is dat ze vanuit de duisternis werkt. Het gaat op het 4e niveau weliswaar om het ontwikkelen van geestzelf (zie noot 20), maar dit gebeurt vanuit de op zichzelf duistere krachten van de Mensenzoon (levensgeest). Vandaar dat ze kunnen weten dat zoiets bestaat als een 5e niveau, terwijl ze er toch zelf nog niet bij kunnen. Daarnaast is via Elizabeth Jen-kins de inwijding openbaar gemaakt; dit lijkt mij legitiem. Ik zie hier een samenhang met de wederkomst van de etherische Christus waardoor het geestzelf eigenlijk een openbaar gegeven is geworden. (24) Het geestzelf 'ligt op straat', wat betekent dat de werkingen vanuit de sfeer der engelen ons rechtstreeks via de zintuigen kunnen bereiken.
Onze westerse cultuur is sterk op lichtkrachten georiënteerd, op de bovenpool ofwel het intellect. Licht heeft de neiging om alles wat het beschijnt in de materie te bannen. Je kunt je zo misschien voorstellen dat het juist de eenzijdig opgepakte werkingen vanuit de engelensfeer zijn die allerlei minder leuke (perverse en gewelddadige) cultuurverschijnselen teweeg brengen. Door onze materialistische, intellectualistische wereldvisie worden ze hierin gebannen, en verkeren dan in hun tegendeel. Probeer maar eens om vanuit deze optiek naar allerlei 20e-eeuwse cultuurfenomenen te kijken (de psychopaat, televisie, housefeesten, voetbal). In Zuid-Amerika gaan veel mensen hierin weliswaar mee, maar de Zuidamerikaanse esoterische kern is er één die werkt vanuit de directe verbondenheid met de elementwereld, vanuit dat deel van ons bewustzijn dat in eerste instantie duister is. Van hieruit is het in zekere zin makkelijker om met behoud van de menselijkheid tot het innerlijk van de dingen te komen. Vanuit de duisternis kun je juist heel goed alle nuances van het licht (leren) zien. De Inca-inwijding lijkt de wijdelingen te helpen meer mens of een natuurlijker mens te worden. Dit ondanks dat de inwijding misschien enkele licht-materialistische trekjes vertoont. (25)

Noten

1. Deze is min of meer gelijk aan de Maya-kalender. Zie noot 10.
2. Het boek is in Nederland uitgegeven door Bruna (1997).
3. Ze mogen niet aangeraakt worden. De schrijfster probeert dit een keer toch per-ongeluk-expres uit, en voelt iets als rauwe kipfilet terwijl de Apu sist "blijf van mijn voet af!"
4. Het is een Khuya, "geschenk van hartstochtelijke liefde" afkomstig van Viracocha, de hoogste god uit de bovenwereld. Het werd ooit verwijderd uit de kerk en thuis bij een bisschop neergezet. Die kreeg toen zoveel mensen aan de deur die het ei wilden bezoeken, dat het hij het maar terug liet zetten.
5 . Dit is mezelf een keer overkomen na landschapswerk, toen ik alles had gegeven zonder eraan te denken me eerst te voeden. Ik voelde me als houten marionet, of een auto zonder motor. Dit totale gebrek aan kracht verdween in de loop van de volgende dag.
6 . Ik hoorde van een vrouw die een ontmoeting gehad had met een landschapsdeva. Toen zij wegging zag zij tot haar schrik dat zij enig 'afval' had achtergelaten. De deva verzekerde haar dat het niet erg was.
7. Met de qosqo wordt de ethermaag bedoeld; in het boek echter is het onderscheid tussen ethermaag, solar plexus en navellotus niet geheel helder. Het onderscheid tussen de 10- en 6 bladige lotusbloem (solar plexus en navel) is sowieso moeilijk te maken, daar zij zich in elkaar spiegelen.
8. Vrouwelijke wezens, dus zielekrachten
9. Er worden vijf Nust'a's genoemd, voor ieder element één. Ook in Europa wordt in sommige oude leren nog gesproken van vijf elementen (de quintessence als vijfde). In verschillende culturen (indianen, China) bestaan verschillen tussen de beeldkleurencirkels (de indianen hebben geel in plaats van groen, de chinezen hebben ook blauw). Dit hangt samen met de basale lichaamsgebonden bewustzijnstoestand waar de cultuur op teruggrijpt.
10. Via de beeldkleuren reguleren we de manier waarop we de wereld om ons heen waarnemen , en ook de objectieve werking-en die van onze gevoelens (kleuren) uit kan gaan. Ze bemiddelen direct tussen astraal- en fysiek lichaam. Andere kleuren roepen een meer subjectieve gevoelsbeleving op, spelen tussen etherisch en astraal lichaam.
11. 'Engelen van Moeder Aarde': de Apu's uit de omgeving zijn ieder met een berg verbonden en allen mannelijk, op één na.
12. Zie ook de documentaire "the year Zero" die begin 2002 in première ging; een oproep van de Maya-indianen aan de westerse wereld om wakker te worden voor de turbulente ontwikkelingen die zij verwachten in de aanloop naar het jaar 2012.
13. Dat wil zeggen, op ieder moment, los van de stand van sterren en planeten
14. Je kunt via Internet een reis boeken om de inwijding te ondergaan (kosten: 4000 dollar): www.inka-online.com.
15. Gelezen in Carl Stegmann, 'Das andere Amerika'
16. Zie b.v. Steiner: 'Hoe werkt de engel in het astraallichaam'
17. Lever-water of klankether; geeft synthetisch vermogen; nieren-lichtether of gevoelsbewustzijn, longen-vormether, grond voor het eigenlijke denken, hart-warmte of vuurether, verzorgt gevoelswarmte en -kou.
18. Een peuter die zichzelf van buitenaf aanduidt wijst doorgaans op zijn buik.
19. Zie 'Mens op de drempel'van B. Lievegoed, voor de omschrijving van verschillende dubbelgangeraspecten
20. In een verslag, ook op Internet, zegt een oudere dame dat ze door de inwijding te doen verlost is van bepaalde angsten, en zich eindelijk en voor het eerst "een heel mens" voelt.
21. Deze wezens hebben wellicht nog geen kennis gemaakt met de nieuwe stijl van inwijden, die vanuit de ik-activiteit en het ik-bewustzijn van de wijdeling uit moet gaan. Ik merkte dit bij de Externsteine in Duitsland. Er ging een bedwelmende zuiging van de rotsen uit, ze wilden me direct in zich trekken.
22. Uitgaande van mijn ervaringen als schilder vertonen de genoemde niveaus vergaande overeenkomsten met de dimensieleer van Steiner en Elizabeth Vreede. Volgens hen is de 3e dimensie of niveau het Ik-bewustzijn, het 4e niveau geestzelf, het 5e levensgeest. Pas op het 5e niveau wordt het etherlichaam vanuit het Ik omgevormd.
23. Wij werken in deze richting; zie artikel E. Slikkerveer in dit nummer. Het is een boeiende weg van vallen en opstaan. De elementwereld reageert altijd hogelijk verbaasd en is vaak enthousiast, maar koppigheid en verontwaardigdheid zijn niet zeldzaam. Dit laatste laat zich vaak terugvoeren op een zekere bitterheid omtrent de ernstig verwaarloosde en vaak ondankbare houding van mensen ten opzichte van de natuur.
24. Centraal element van de antroposofie, en al vaak in Bruisvat genoemd; de mens kan daardoor met behoud van ik-bewustzijn in de etherwereld waarnemen.
25. Zie noot 20; De dame in kwestie leeft nu een stuk aangenamer dan vóór de inwijding. In die zin zou je kunnen zeggen dat iets van haar idealengoed verwezenlijkt is. Een en ander ligt echter vooral in de behoeftensfeer. Er wordt verder niet gerept over idealen die verder gaan dan dat. Ook bij menig new age verschijnsel gaat het vaak enkel over het lekker leven in je lichaam.

BronEvelien Nijeboer


Welkom bij Clubs!

Kijk gerust verder op deze club en doe mee.

Wat is dit?


Of maak zelf een Clubs account aan: