Blogposts

Blog

Geplaatst op donderdag 03 oktober 2019 @ 00:45 door Calamandja , 28 keer bekeken

Machu Picchu ligt niet toeval…

 
Niet de afgelegen en geïsoleerde locatie, maar de lokale geologie stuurde de Inca’s een steile bergkam op om er een stad te bouwen. 

 
Een van de beroemdste stukjes Unesco-Werelderfgoed zit diep verstopt in het Peruaanse binnenland, boven op een afgelegen bergkam die langs drie kanten wordt omgeven door een rivierkloof. De moeilijke bereikbaarheid en de geïsoleerde locatie worden al sinds de herontdekking van Machu Picchu, begin vorige eeuw, als verklaring aangevoerd waarom de Inca’s uitgerekend daar een bergkam uitkozen.
 
Een iets te gemakkelijke uitleg, want op het hoogtepunt van het Incarijk liepen er goed geplaveide wegen dwars door de valleien en over de bergen van de Andes. Het legendarische (en druk bewandelde) Incapad dat naar Machu Picchu leidt, is er een herinnering aan. Ook de hoge ligging maakte Machu Picchu trouwens niet uniek, getuige de Incahoofdstad Cuzco, die boven de 3.000 meter uitstijgt.
 
Volgens de Braziliaanse geoloog Rualdo Menegat had de plaatskeuze van Machu Picchu veeleer te maken met wat onder dat spectaculaire berglandschap zit: de tektonische krachten die er mee de vorm van hebben bepaald. Dat vertelde Menegat vorige week tijdens een congres voor geologen in de Amerikaanse stad Phoenix.
 
Geen bankkaart tussen

 
De grond onder Machu Picchu werd miljoenen jaren geleden door elkaar geschud en aan stukken gereten door schurende aardplaten. Daardoor ontstonden aan de oppervlakte rotspartijen waaruit relatief gemakkelijk stenen kunnen worden gehouwen. Menegat verklaart zo het fijne metselwerk van de Incaruïne, met blokken steen die vaak zo goed op elkaar passen dat je er geen bankkaart tussen krijgt. ‘Rotsblokken in de omgeving vertonen breukvlakken waarlangs ze zeer gemakkelijk openbreken’, mailt de Braziliaan. ‘Het moet het werk van de steenhouwers een stuk lichter hebben gemaakt.’
 
De geologische breuklijnen leverden nog andere voordelen op: ze zorgen voor de aanvoer van regen- en smeltwater naar de lagergelegen Urubamba (de ‘donderrivier’). En ze verzekeren een vlotte drainage tijdens het regenseizoen. Maar in een geologisch instabiel gebied is er ook risico op (steen)lawines en aardverschuivingen, wat kan verklaren waarom de site zo hoog ligt.
 
Menegat maakte een gedetailleerde kaart van de (oorspronkelijke) bebouwing in en rond Machu Picchu. Hij nam daarbij ook de trappen, de paden en de eeuwenoude akkers in de omgeving mee. Nadat hij ook de breuklijnen had getekend, zag hij de Incaruïnes samenvloeien met de tektonische activiteit in de ondergrond. Het leek wel alsof de lokale geologie als grondplan was gebruikt.
 
Kruisende breuklijnen

 
Hoe goed kunnen de Inca’s op de hoogte zijn geweest van wat zich allemaal in de ondergrond afspeelt? Volgens Menegat hoef je geen geoloog te zijn om een breuklijn te herkennen. ‘De breuken lopen in lange, min of meer rechte slierten dwars doorheen het berglandschap, wat het Andesvolk zeker moet zijn opgevallen. Bovendien verraden de plekken waar de breuklijnen elkaar kruisen zich door de aanwezigheid van nog meer gebarsten rots en gesteente.’ Op de kaart van Menegat ligt Machu Picchu pal op zo’n kruising.
 
Hoewel hij niet over lokale breukenkaarten beschikt, ziet geoloog Marc De Batist (UGent) wel iets in de nieuwe theorie. ‘Het ligt voor de hand dat het reliëf instinctief werd gebruikt bij constructiewerken: de vlakke stukken voor gebouwen en akkers, de steile voor trappen. Dat het lokale gesteente voor een groot stuk al gebroken was, was ook mooi meegenomen.’ Dat de Inca’s ook echt inzicht hadden in de geologie, vindt de Gentse geoloog een stap te ver. ‘Wellicht voelden ze op basis van het reliëf goed aan wat een geschikte locatie was.’
 
Bron: De Standaard, SENNE STARCKX, 1 oktober 2019



Reacties

Er zijn nog geen reacties geplaatst.

Plaats een reactie

Je moet ingelogd zijn om een reactie te mogen plaatsen. Klik hier om in te loggen.